
Het was op een vrijdagavond. Een heel slaperige vrijdagavond. Aan het begin van de week was ik teruggekomen van een vakantie in Egypte en die week daar was zo zwaar geweest dat ik m'n slaap nog steeds niet had ingehaald. In afwachting van het beginnen van de dansavond rond half elf besloot ik om half negen nog maar even op bed te gaan liggen. Omdat ik mezelf ken, zette ik twee wekkers...
Toen ik wakker werd, had ik het gevoel dat er iets niet klopte. Je kent het gevoel wel: langzaam komen de prikkels je lichaam binnen en bereiken je hersenen. Tegen de tijd dat die er pap van gemaakt hebben, komt dit proces in een stroomversnelling en uiteindelijk denk je: O ja! Hier ben ik! Of: Vandaag is de grote dag! Of: Ik heb me verslapen! Verslapen? Nee, toch niet verslapen hoop ik! Hoewel ik nog niet op m'n wekker had gekeken, wist ik het al. Ik durfde bijna niet te kijken, maar uiteindelijk deed ik dit toch en bleek het al middernacht te zijn. Wel gruwelijk te laat, maar nog niet te laat voor de dansavond! Ik sprong onder de douche, bedacht me wanneer ik in godsnaam voor de laatste keer midden in de nacht onder de douche gestaan had en trok schone kleren aan. Toen ik terugkwam bij m'n bed, zag ik het! Daar! Op de muur! Een groot beest! Nou ja, vooral een onverwacht beest. Want wat doet een kever van drie centimeter op mijn muur?? Ik kijk naar het beest en ervaar het moment van surrealistische verbijstering ten volle. Nog half slaperig twijfel ik of ik nu wakker ben of niet. Uiteindelijk besluit ik van wel en ga ik op zoek naar een potje om het verdwaalde beestje in te doen. Als de kever veilig opgesloten zit en op de eettafel staat, ga ik alsnog richting de dansschool, wat voor dit verhaal verder niet zo relevant is.
Als ik rond half drie weer thuiskom, word ik begroet door m'n kever. Nou ja, zo voelt het. Het beestje tast zijn omgeving wat af in het potje en ik bedenk me dat ik hem nu al beschouw als een huisdier. Om logische redenen noem ik hem Toto, naar het hondje uit de tovenaar van Oz uiteraard (maar hoe heet die leeuw nou ook alweer?) en ga naar bed. In de week daarna ontwikkelen we een diepgaande verstandhouding met elkaar. Ik kom erachter dat Toto waarschijnlijk een meeltor is en uit betrouwbare bron verneem ik dat deze beestjes waarschijnlijk wel brood lusten. Hij verorbert in ieder geval hele kruimels achter elkaar, dus dat zit wel goed. Een paar druppels water vallen ook in de smaak. Ter decoratie leg ik wat blaadjes van een plant in het potje, waar Toto flink mee aan de haal gaat. De dagen gaan voorbij en we leven allebei ons leven.
Maar na twee weken neem ik een moeilijke beslissing: ik ga Toto vrijlaten. Kevers horen natuurlijk niet in potjes, maar in de natuur! Ik fiets naar een locatie in een natuurgebied (die ik ten behoeve van Toto's privacy niet zal onthullen) en laat hem vrij. Ik geef hem nog een kusje en wens hem succes in zijn verdere leven. Het is moeilijk, maar ik weet dat dit de goede beslissing is. Toto... waarschijnlijk de belangrijkste kever in m'n leven...
